Pensionaat Sint Jozef, Zeist.

Voor pdf klik hier. 1949 - 1951

sijopperspetIk heb hier twee jaar in de 5e klas gezeten. Mijn klasseleraar in het eerste jaar (5e) was frater Theophorus. In het tweede jaar (5A) was frater Ferdinand mijn klassedocent. De prefect was frater Julianus en frater Laurentzo het hoofd van de school. Mijn moeder plaatste me hier omdat mijn broer Lex hier ook op had gezeten. Achteraf gezien, denk ik dat dat niet zo'n goed idee was, omdat het op St. Louis in Amersfoort - gezien mijn cijferlijst - best goed ging. Het schoolsysteem had iets weg van de verkennerij. Je kreeg een uniform met een mutsje met een geel pluimpje eraan en was dan Sijopper, een samenvoeging St. Jozef Pensionaat. Om sijopper te kunnen worden, zal je wel een aantal stappen hebben doorlopen, zoals bij de verkenners. Er was een mooie moderne kapel met schilderingen van Charles Eijck.

In 2009 werd een reünie gehouden en is er een DVD gemaakt in de vorm van een verhaal. Aan de hand daarvan zal ik het kostschoolleven op Sint Jozef beschrijven. Bij aankomst werd je met je ouders door de fraters ontvangen en kreeg je een rondleiding. Het was een modern gebouw met veel licht, heel anders dan andere kostscholen. Het regime was strak, maar ik heb geen herinneringen aan straf. Ik heb me - gezien mijn rapporten- niet bepaald uitgesloofd. De eerste rapporten pasten uitstekend in de voetbaltoto. Ik kan me ook niet herinneren of ik achter mij broek werd aangezeten. De beloning voor goed gedrag en ijver waren verdienste kaartjes, maar die waren er in mijn tijd nog niet. Zou dat de reden zijn voor mijn betreurenswaardige cijferlijsten? Ik denk dat ze het systeem in de loop van de tijd steeds hebben aangepast. Misschien wel door de ervaringen met mij!
Bij het opstaan ging de bel. Wassen en aankleden en dan het ochtendgebed. Vervolgens naar de kapel voor de H. Mis (= Eucharistieviering). Dan ontbijten, spelen en om negen uur naar de klas. De fraters waren pas tevreden als je een acht voor vlijt had. Dat heeft er bij mij aan gemankeerd. Het eerste jaar kom ik niet verder dan een vijf en het tweede jaar een zes! Om kwart voor twaalf naar de slaapzaal om het bed op te maken. Dan eten. Na het eten weer speelkwartier tot half twee. Dan weer een uurtje naar de klas, waarna er tijd is om te sporten. Daar heb ik altijd een broertje dood aan gehad. Niet zozeer om de sport, maar vroeger was er geen douchen na en ging je met je bezwete lijf en natte kleren terug naar de klas. Brrrr. Dat is ook weer terug te vinden op mijn rapporten: Sportiviteit 4, wilskracht en uithoudingsvermogen 4, kennis en toepassing van de spelregels 5. Het is een Godswonder dat ik op m'n zeventigste naar de sportschool ben gegaan. Beter laat dan nooit!
Twee middagen in de week zijn er clubs, zoals de tennisclub, de fietsclub, de voetbalclub of de buitenclub die in het bos gaat spelen. Om vier uur een stuk kantkoek of een fruit. Ik herinner me sterappels. Van half vijf tot zes uur weer naar de klas. Na het avondeten weer naar de klas tot half acht. Dan nog een half uurtje spelen en naar bed. Om zondag mocht je wat later opstaan en ging je in je Sijoppers uniform naar de Hoogmis. Na het ontbijt was de weekopening. Met vier groepen; groen, geel rood en blauw. De groepen gingen in formatie rond de vlag staan. Frater Julianus, de prefect zei dan: 'Syjoppers staan en groet de vlag". Dan werd er een lied gezongen en besprak de prefect de gebeurtenissen van de week. Daarna werd de wet voorgelezen (??), werd er nog een lied gezongen en was de plechtigheid afgelopen. Van die hele parade herinner ik me niets, misschien was dat ook niet in mijn tijd. De missieclub heette St. Paulus. Daar zal ik vast wel bij gezeten hebben! Een typisch linkse hobby. Ik heb altijd wat gehad met de minder bedeelden, van daar ook mijn linkse imago! Er werden postzegels, zilverpapier en lege tandpastatubes gespaard voor de missie. Zo ben ik aan mijn eerste postzegelverzameling begonnen. In de zomer gingen de jongens van de tennisclub na de weekopening tennissen en de rest wandelen. Na de terugkomst, ging de bel en gingen we naar de klas om een brief te schrijven, te tekenen of te lezen. Daar heb ik nog een restant van teruggevonden, dat je bij de foto's kunt bewonderen. Ik had niet veel geduld, hoe verder ik kwam hoe slordiger mijn schrift werd, Na het bed opmaken en eten konden we spelen, fietsen of wandelen.
Na de middagboterham was het aula avond. Meestal was er toneel of een film. In de vastentijd werd een film over de kruisweg vertoond. (Zeg maar een voorloper van The passion of the Christ) Toen ik de acteur aan het kruis zag sterven, bedacht ik dat hij daarvoor verlof van de paus had gekregen! De fraters vonden dat wel een leuke oplossing. In 2011 doe je daar een bomgordel voor om. De film 'Emil und die Detective' van het boek van Erich Kästner werd gespeeld door de beroemde acteur Heinz Rühmann. Maar ja, wie zegt dat tegenwoordig nog iets?
Eens in de week gingen we zwemmen in OZEBI in Utrecht, waar we met de bus naartoe gingen. Tijdens het zwemmen waren er ook enkele oudere bezoekers. De ervaren zwemmers gooiden vanuit het diepe een aluminium bordje naar elkaar. Dat bordje kwam ook wel eens in het ondiepe terecht. Op een keer gooide ik het vanuit het ondiepe terug. Het bordje landde op het kale hoofd van een oudere heer. Hij zal zo oud geweest zijn, als ik nu ben ;-)) Door het water leek het een compleet bloedbad. En ik kreeg natuurlijk de volle laag. Voor zwemmen kwam ik niet verder dan een zes. De rest waren vieren en vijven.
In de kapel werd door een koor gezongen, waarvoor iedere week werd geoefend. Ook was er een toneelclub, waar stevig voor geoefend moest worden.
Hernieuwing van de DoopbeloftenEen van de hoogtepunten was de Plechtige Hernieuwing van de Doopbeloften. Dan was er de hele dag feest, waarbij de ouders werden uitgenodigd. Uiteraard ging dat gepaard met een plechtige mis. Daarna ontbijt en een groepsfoto. Daarna lof (alweer!) en een feestelijke maaltijd in de versierde gymzaal. Dat feest heb ik misgelopen, omdat ik ben blijven zitten. Nou ja, ik heb in mijn leven genoeg lekker gegeten.
De jaarlijkse sportdag was in juni op zaterdag en zondag. Op zondag was de familie uitgenodigd. Ik kan me maar één keer herinneren dat mijn moeder op bezoek is geweest. Mijn moeder vertelde me dat ze aan me vroeg hoe laat het was. Ik wist het niet want ik kon geen klok kijken. Dat was volgens mij ook niet nodig, want als er iets moest gebeuren, ging altijd de bel!
En niet te vergeten de schoolreisjes, bijvoorbeeld naar het Drielandenpunt of Schiphol. Ik weet niet meer of het in Amersfoort of Zeist is geweest, maar ik moest tijdens een schoolreis heel nodig in de bus. Ik werd met een kartonnen doos achterin gezet. Ja, ja, er komen wat herinneringen boven drijven als je zo aan het schrijven bent.
Door de jongens van de vijfde klas werd een afscheidslied gezongen voor de leerlingen die over waren gegaan en naar een vervolgopleiding gingen.
In het tweede jaar stond op het tussenrapport, dat ik niet over zou gaan met deze voetbaluitslagen. Mama moest weer iets nieuws verzinnen. Ze sprak met haar zus Cato in Leiden. De pastoor van haar parochie had een broer die hoofdmeester was van een school in Wassenaar. Bij hem heb ik de vijfde klas afgemaakt.

Over St. Jozef
De school is gebouwd in de dertiger jaren van de vorige eeuw. De leegstand voor de interne opleiding voor onderwijzers en het juvenaat voor toekomstige fraters, leidde tot de oprichting van het pensionaat dat van september 1946 tot juli 1959 heeft bestaan. Er werd les gegeven aan de laatste twee jaar van het basisonderwijs. Het pensionaat was bedoeld voor kinderen van wie de ouders voor hun werk naar het buitenland gingen en hun kinderen niet wilden of konden meenemen. In korte tijd ontwikkelde de school zich tot een exclusieve school voor ouders die hun kinderen meer wilden meegeven dan alleen de leerstof van een lagere school. Opvallend is het aantal broers en neven die op deze school verbleven. Een fors aantal leerlingen ging voor het vervolgonderwijs naar de door Jezuïeten geleide opleiding Katwijk De Breul in Zeist. Er hebben totaal ongeveer 1000 leerlingen op het pensionaat gezeten.
Tegenwoordig zit er een groot kantoor in het gebouw.
Bron:Pensionaat St. Jozef

Op 15 oktober 2011 kreeg ik van Charles Kampscheur - een schoolgenoot van St. Jozef die ik alleen ken via zijn emailadres - een brief waarbij wat passages uit een boek en een klassefoto. De zelfde klassefoto die ik heb.Wel een ontdekking op mijn 72e, dat Jeroen Brouwers bij mij in de klas zat. Hij zit op de tweede rij links met zijn benen over elkaar geslagen. Jeroen ervaarde het kostschoolleven als het Jappenkamp. De tweede kostschool waar hij zat, Maria ter Engelen in Bleijerheide (Kerkrade) was nog erger. Dat weet ik van andere verhalen. uit de laatste jaren, waar het sexueel misbruik op kostscholen boven water komt. Jeroen en ik hebben twee overeenkomsten. We hebben allebei op St. Jozef gezeten en voor 'De Gelderlander' geschreven. Dat we allebei zo beroemd zouden worden, konden we toen niet bedenken ;-)).

Klik op de afbeelding voor een vergroting
1949 - 1950
1949 Ik ben de derde van links naast de fraters in het midden.(Pullover). Links schuin achter mij Charles Kampscheur

Zwembad Ozebi in Utrecht
Zwembad Ozebi in Utrecht

Kapel met schildering van Charles Eijck
Kapel met schildering van Charles Eijck

5e klas met frater Theophorus
5e klas met frater Theophorus. Ik ben de enige met het Sijopperspetje. Links op de 2e rij met de benen over elkaar de schrijver Jeroen Brouwers.

Schoolreisje in Amsterdam
Schoolreisje in Amsterdam

Slaapzaal
Slaapzaal

Ouderinformatie
Gulp dichtnaaien en lange hemden s.v.p.

Reünie 2009
Reünie 2009

De weg van een Sijopper
Andere tijden, andere zeden.

Waarderingkaart
W aarderingkaart

Op zondagmiddag gemaakt
Op zondagmiddag gemaakt.

Rapport
Met dit rapport kan Kees niet tot de 6e klas worden toegelaten!.