Ben van Beurten

SVH MEESTERKOK

Ben van Beurten sr.'Ik ben een gelukkig mens. Ik realiseer me dat ik een lot uit de loterij heb getrokken, omdat ik er in dit fantastische land op mijn zes en vijftigste mee uit kan scheiden. Ik ben gezond; afkloppen. Ik heb heel veel meegemaakt, maar door mijn positieve instelling ben ik er altijd uitgekomen. Ik ben niet verzuurd. Ik hoef niet weg. Het is prachtig om terug te kijken, terwijl ik er nog middenin sta. Elke dag is een nieuwe bladzijde. Ik vind het echt schitterend!' Aan het woord is SVH Meesterkok Ben van Beurten, f&b manager van Golden Tulip hotel Jan Tabak in Bussum. Maar f&b manager is niet de vlag die de lading dekt. 'Ik ben restaurateur', zegt van Beurten. Zijn hart ligt in de keuken, maar de aandacht voor het detail, die hij zich in de keuken eigen heeft gemaakt, past hij toe in het hele bedrijf. 'Je moet alles doen met stijl', zegt hij. Een slagzin die zijn zes en tachtigjarige moeder hem nog steeds inprent.

'Ik ben bij Kras(napolsky) begonnen en geŽindigd. Volgende week is mijn laatste werkdag. Ik weet nog niet wat me overkomt. Dat zal ik eerst maar eens rustig op me in laten werken. Mijn grote hobby is de keuken. Daar heb ik me mijn hele leven mee bezig gehouden en dat zal ook daarna zo zijn. Ik zal mijn ervaring in de komende periode ten dienste stellen van de culinaire top in Nederland, de Meesterkoks en de keuken. Ik praat graag. Als kringvoorzitter van de 'Meesters' bereid ik vergaderingen voor, luister en zorg voor feedback en briefing aan het bestuur. Dat werk doe ik heel graag. Ik geniet er van.'
In zijn ruime kantoor bladert hij door de stapels plakboeken met foto's en artikelen over de vele culinaire escapades in zijn veertigjarige loopbaan. Wedstrijden op landelijk en internationaal niveau. 'Met deze foto's ga ik nog wat leuks doen op de komende receptie. Hier zie je veertig jaar koksvak voorbijgaan. Het begon met de St.Hubertusvakschool als brood en banketbakker. Mijn ouders hadden een cafť. 's Woensdags hardgekookte eieren en wordt van broodje Dick op de Nieuwendijk. Bij Rutecks of Heck gingen we een ijsje eten. 's Avonds mocht ik in de zaal het doek optrekken. Op school kreeg ik op m'n sodemieter omdat ik lag te slapen. Maar ik kon goed biljarten!

Als kok ben je eigenlijk een kunstenaar.
Samen met Wijnand Vogel ben ik in Kras begonnen. De overgrootvader van Jaap van Zweden, was er sous chef. Ik wilde in goede bedrijven werken. Later kwam ik bij het Carlton bij meneer Minderman, toentertijd een beroemde chef. (Intussen laat hij het handgeschreven getuigschrift zien.) Daarna l'Europe bij meneer van Gaalen en het Apollohotel bij meneer Flink. Daar werd ik gardemanger en sous chef. In 1961 ging ik met wedstrijden meedoen. De eerste in Zuidlaren op de Prins Bernhardhoeve. Samen met Minderman en Foks ging ik er naar toe. Ik won de eerste prijs. Daar kwam ik meneer Vermeer tegen van Parkhotel Uytenbosch. Met drie en twintig jaar werd ik er chef kok. Later kwam ik bij Arie Schavemaker in het Hilton. In het Okura heb ik in de zeventiger jaren ijscarven geleerd. Creativiteit is emotie die je uit moet voeren. Met alle grote jongens, Hekkelman, Wijnand Vogel, Baede, Kooy, Martin Willemsen en noem maar op, heb ik de halve wereld rondgezworven om mee te doen aan wedstrijden. Onder andere de Golden Salad Bowl en natuurlijk de Zilveren Koksmuts. Van al die prijzen rijd ik nu mijn BMW, ha, ha, ha! Acht keer hebben koks van mij de Zilveren Koksmuts gewonnen.'

Je moet alles doen met stijl.
'Ik ben altijd in de hele horeca geÔnteresseerd geweest. Zo heb ik meegewerkt aan de bouw en exploitatie van Knijn Bowling, waar ik drie jaar manager ben geweest. Toen Foks naar het paleis ging, werd ik chef-kok van het Apollohotel en lid van de NCCK. Piet Boshuizen vond dat ik voorzitter moest worden van de afdeling Amsterdam. Dat was in 1975. De NCCK is de springplank geweest voor mijn carriŤre. Daarom vind ik het jammer dat de stijl van de club veranderd is.' 'Als ik in de verschillende bedrijven kom en ze laten me hun nieuwe creaties proeven, dan denk ik; Hoe krijgen ze het voor elkaar. Het is de nieuwe generatie. Wanneer ik samen met Jan Hekkelman jongens van 35 jaar tegenkom en ze zeggen tegen hem; 'Dag chef', vind ik dat prachtig. Dat is respect. Datzelfde ervaar ik als ik in Okura, Barbizon of Apollo binnenkom. Ik merk dat mijn geest er nog hangt. Ik heb de mensen iets mee kunnen geven, waar ze nu nog mee werken. Ik heb in mijn leven nooit spijt gehad. Wat ik heb bereikt, heb ik te danken aan de investeringen uit het verleden.
Klik op de foto's voor een vergroting


Hubertus Vakschool

Hotel Krasnapolsky Amsterdam

Krasnapolsky
Hotel Krasnapolsky Amsterdam

Carlton
Hotel Carlton Amsterdam

Hotel Carlton Amsterdam

Hotel de l'Europe
Hotel l'Europe Amsterdam

Parkhotel Uytenbosch
Parkhotel Uytenbosch Baarn 1966-1972

Apollo Hotel
Apollo Hotel Amsterdam

Apollo Hotel Amsterdam


Okura Hotel, Amsterdam


Hilton Hotel, Amsterdam